![]() |
KLAREN, Uilke Jans (roepnaam: Uiltje; bijnaam: Vader Klaren), in 1898 initiatiefnemer van de speeltuinbeweging in Nederland, is geboren te Tjalleberd (Friesland) op 21 maart 1852 en overleden te Bennekom op 30 maart 1947. Hij was de zoon van Jan Jans Klaren, veenwerker, en Tjerkje Klazes Oord. Op 21 november 1882 trad hij in het huwelijk met Joukje Sikkema, met wie hij twee dochters en drie zoons kreeg. Klaren was afkomstig uit een landarbeidersgezin in Friesland. Omstreeks 1870 verhuisde hij naar Amsterdam om daar werk te vinden in de scheepsbouw als scheepsbeschieter. Hij was onder meer werkzaam geweest bij de Koninklijke Fabriek, de voorloper van de Nederlandsche Fabriek van Werktuigen en Spoorwegmaterieel (Werkspoor), en bij de Marinewerf. Hij was in 1896 secretaris en tot 1903 bestuurslid van de Metaalbewerkersvereeniging 'Verbetering Zij Ons Streven' en lid van de Commissie tot Weering van het Schoolverzuim. Toen Klaren op 17 juni 1900 de Oosterspeeltuinvereeniging oprichtte was dat op het eerste gezicht niet zo bijzonder. Al in de jaren tachtig waren speelplaatsen ingericht in arbeiderswijken in Amsterdam, Rotterdam, Groningen en Utrecht. Zij werden beheerd door leden van de gegoede burgerij met de bedoeling arbeiderskinderen gezonde speelruimte te geven en baldadigheid tegen te gaan. De eerste Amsterdamse tuin was gevestigd aan de Weteringschans. Deze bestaat nog steeds en is inmiddels naar Klaren vernoemd. Andere speelplaatsen kwamen er aan de Marnixstraat (door Th. Thijssen in zijn autobiografische boek In de ochtend van het leven niet erg positief besproken), aan de Wilhelminakade, de Nassaukade en bij de Overtoom. De beide laatste werden aangelegd door de vereniging Ons Huis. Maar de Nederlandse speelplaatsen leidden in tegenstelling tot die in andere landen een kommervol bestaan. Gebrek aan geld leidde ertoe dat de speelplaatsen slecht onderhouden werden. Van plannen om in alle volkswijken zulke speelplaatsen in te richten kwam niets terecht. Klaren, die rond 1894 als lid van de Vereeniging 'Samenwerking' betrokken was bij pogingen om naar het voorbeeld van Ons Huis een speeltuin op de Oostelijke Eilanden te vestigen, verloor daarom het vertrouwen in het vermogen van de burgerij hier iets tot stand te brengen. Daar kwam nog bij dat hij zich ergerde aan de neerbuigende houding van de gegoede burgerij tegenover de arbeiders. Maar ook van vakbondszijde kreeg Klaren geen steun bij zijn pogingen een speeltuin te verwezenlijken. Het Scheepsbouw-comité, een combinatie van drie vakbonden van scheepsarbeiders, waarvan de leden voor een groot deel in de buurt woonden, weigerde zijn vereniging financieel te steunen. 'De grootste vijand van den arbeider is de arbeider zelf', schreef Klaren naar aanleiding van deze teleurstelling. In het bijzonder zat het hem dwars dat de ondeugden van de arbeiderskinderen, zoals het rondhangen op straat, vandalisme en kleine criminaliteit, werden toegeschreven aan het arbeidersmilieu en het gebrek aan opvoeding daarbinnen. Volgens Klaren lag de oorzaak in de gebrekkige omstandigheden waarin zij opgroeiden. Er moesten daarom speeltuinen komen, zodat de kinderen niet meer doelloos over straat hoefden te slenteren maar in een veilige en gecontroleerde omgeving hun energie kwijt konden. Vanaf najaar 1898 zette Klaren zich daarom aan de uitwerking van zijn plan: een speeltuin, beheerd door de buurtbewoners zelf. Hij vroeg en kreeg de steun van de hoofdonderwijzers van de openbare scholen in de buurt, J. Mellink en J. van den Hoek. Na enkele mislukte pogingen om het geld bijeen te brengen, kon op 17 juni 1900 de Oosterspeeltuinvereeniging worden opgericht. Binnen het jaar waren er meer dan 1500 leden, allen bewoners van de buurt. Klaren zelf werd voorzitter, Mellink en Van den Hoek vice-voorzitter en tweede secretaris. Financiële steun kreeg de vereniging van G.M. den Tex, directeur van de Stoomvaartmaatschappij Nederland, die Klaren in diens eenvoudige arbeiderswoning aan de Bootstraat had opgezocht. Twee jaar later, op 23 april 1902, werd de speeltuin op de hoek van de Czaar Peterstraat en de Blankenstraat geopend. De gemeente Amsterdam gaf de grond. De afrastering en de inrichting werden geheel door de leden zelf verzorgd. Behalve over een speeltuin beschikte de vereniging over een klein clubhuis, waar allerlei binnenactiviteiten werden georganiseerd, zoals figuurzagen, tekenen en voorlezen. In de boezem van de vereniging ontstonden weldra aparte clubs voor muziek, gymnastiek, voetbal en toneel. Zo ontstond het model waarnaar in de daaropvolgende jaren eerst in Amsterdam en weldra in het hele land buurtspeeltuinverenigingen werden opgericht. In 1932 kwam er een overkoepelende organisatie, de Nederlandsche Unie van Speeltuinorganisaties (NUSO), die nog steeds bestaat. In 1995 waren hierbij ruim 950 organisaties voor speeltuin- en kindervakantiewerk aangesloten. PUBLIKATIES: Beknopte voorgeschiedenis der vereeniging 'Oosterspeeltuin' (z.pl. z.j.); De Oosterspeeltuin (Amsterdam 1903). LITERATUUR: Gedenkboek. Uitgave ter herdenking van het twintigjarig bestaan van de Vereeniging Oosterspeeltuin (Amsterdam 1920); M. Boon, Speeltuinen (Rotterdam 1935; herdruk Amsterdam 1947); 'U.J. Klaren de pionier van het speeltuinwerk 94 jaar' in: De Waarheid, 20.3.1946; G. van der Houven, 't Begon op Oostenburg. Gedenkschrift van de Algemeene Nederlandse Metaalbewerkersbond, afdeling Amsterdam (Amsterdam 1949); A.F.K. Parée, 'Speeltuinbeweging 50 jaar' in: Ons Amsterdam, 1950, 212-215; Zestig jaar Oosterspeeltuin (Amsterdam 1960); G. Harmsen, Hamer of aambeeld? Een en ander uit de geschiedenis van de Amsterdamse arbeidersbeweging (Amsterdam 1979); A. Jansen, 'De Nederlandse Speeltuinbeweging' in: Jaarboek van het Nederlands Openluchtmuseum 1995 (Arnhem 1995) 200-227; P. Selten, C. Adriaanse, B. Becker, Af en toe met pa en moe... De speeltuinbeweging in Nederland 1900-1995 (Utrecht 1996). PORTRET: Uilke Jans Klaren, uit: P. Selten e.a., Af en toe met pa en moe... De speeltuinbeweging in Nederland 1900-1995 (Utrecht 1996) Auteur: Peter Selten Oorspronkelijk gepubliceerd in: BWSA 7 (1998), p. 113-116 Laatst gewijzigd: 10-02-2003 |