![]() |
RUIJTER, Pieter Cornelis de (roepnaam: Piet), tekstdichter van strijdliederen, is geboren te Amsterdam op 7 juni 1855 en overleden aldaar op 24 mei 1889. Hij was de zoon van Harmanus de Ruijter, kruier, en Cornelia Maria de Jong. Op 21 maart 1878 trad hij in het huwelijk met Anna Dederica Stokvis, dienstbode, met wie hij twee dochters en twee zoons kreeg. Binnen tien jaar schreef De Ruijter ver over de honderd zangteksten. Maar niet alleen door dit aantal is hij de belangrijkste Nederlandstalige strijdlieddichter van vóór de Eerste Wereldoorlog. Tot lang daarna kon in Nederland en Vlaanderen geen rode zangbundel verschijnen of er prijkten liederen van De Ruijter in: 'Het Mariannelied', 'Vrijheid u mijn leven', 'Vergeet hen niet' en 'het Petroleurenlied'. PUBLIKATIES: Wit en rood. Volksliederen en gedichten (Amsterdam 1887, 2de herziene en verbeterde druk 1888); Vier maanden in de cel. Liederen en gedichten in gevangenschap gezongen (z.pl. 1888); zie voor een overzicht van de afzonderlijk verschenen gedichten: P.J. Meertens, 'Ruijter, Pieter Cornelis de' in: Mededelingenblad, juni 1955, 4-6. LITERATUUR: Vliegen, Dageraad I, 381-382; Bymholt, Geschiedenis; K. ter Laan, Letterkundig woordenboek voor Noord en Zuid (Den Haag 1952) 456; P.J. Meertens in: Mededelingenblad, juni 1955, 4-6; 'De zingende rooie smeris uit de Jordaan' in: J. van de Merwe, Gij zijt kanalje! heeft men ons verweten (Utrecht 1974); D. Bos, Waarachtige volksvrienden. De vroege socialistische beweging in Amsterdam 1848-1894 (Amsterdam 2001). PORTRET: P.C. de Ruijter, particulier bezit Auteur: Jaap van de Merwe Oorspronkelijk gepubliceerd in: BWSA 1 (1986), p. 101-102 Laatst gewijzigd: 23-05-2002 |